Ondanks dat veel judoka’s weten dat vlak voor de wedstrijd meerdere kilo’s afvallen de gezondheid en prestaties negatief kan beïnvloeden, weerhoudt dit hen er niet van dit toch te doen.

Vaak nemen gewichtsklassensporters zich wel voor om voor een belangrijke wedstrijd of toernooi verantwoorde methodes te gebruiken en ruim de tijd te nemen om tot hun ideale wedstrijdgewicht te komen, maar lukt het toch niet om dit voor elkaar te krijgen en deze intentie ook om te zetten in gedrag. De redenen hiervoor lopen uiteen en kunnen onderverdeeld worden in een aantal categorieën.

Houding ten opzicht van gewicht maken

Een ervan is de houding die een gewichtsklassesporter heeft ten opzichte van ‘gewicht maken’. Zo kunnen wedstrijdjudoka’s het gevoel hebben dat afvallen er nu eenmaal bij hoort en voordeel geeft tegenover zwakkere tegenstanders extreem afvallen, maar ook dat extreem gewicht maken een negatieve invloed kan hebben op de prestaties. Je kunt je voorstellen dat dergelijke overtuigingen invloed hebben op hun intenties om al dan niet verantwoord af te willen vallen.

De meeste gewichtsklassensporters geloven dat gewichtsverlies ‘er nu eenmaal bij hoort’

Uit onderzoek blijkt dat veel sporters denken dat zij meer kans hebben om te winnen als zij in een lagere gewichtsklasse uitkomen. Tegelijkertijd zien zij in dat gewichtsverlies zowel op korte als op lange termijn negatieve effecten kan hebben, zoals vermoeidheid, groeivertraging of hormonale veranderingen 65. De meeste gewichtsklassensporters geloven dat gewichtsverlies ‘er nu eenmaal bij hoort’ 50, 70. Bij veel van hen vormt het ‘gewicht maken’ zelfs een belangrijk onderdeel van hun mentale voorbereiding op een wedstrijd 88, 70. Het afvallen geeft hen dan een positief gevoel goed bezig te zijn met hun sport. Deze sporters passen extremere methoden toe (spugen, sauna, dragen van regenkleding, vasten, braken) dan sporters bij wie gewicht geen rol speelt bij hun mentale voorbereiding op een wedstrijd. Sommige sporters vinden gewicht maken ongezond, ongeacht hoe dit gebeurt, en vaak vinden zij de methoden die zij zelf gebruiken ook ongezond 70. Daarbij worden alleen de gezondheidsproblemen die een negatieve invloed hebben op hun prestaties serieus genomen. Braken wordt van alle methoden als het meest ongezond beschouwd.

De houding ten opzichte van afvallen wordt voor een groot deel bepaald door de kennis die een sporter hierover heeft 22. Judoka’s halen hun kennis over afvallen vooral bij coaches en andere judoka’s, of gaan zelf op zoek naar informatie. Diëtisten en artsen komen pas veel later in beeld of blijven op afstand 9, 17626595. Andere bronnen van informatie zijn krachttrainers, tijdschriften, vrienden en ouders. De meeste (60%) van de sporters geven aan geen informatie over afvallen ter beschikking te hebben, en vinden dat zij onvoldoende worden geïnformeerd 65. Verontrustend is dat coaches vaak onvoldoende kennis hebben en hun pupillen verkeerde instructies geven met betrekking tot voeding en gewichtsverlies 59106, 131.

 

Sociale invloeden

Ook de invloed van de omgeving van de sporter kan invloed hebben op zijn manier van afvallen. Als het in de omgeving van de sporter heel gebruikelijk is dat sporters vlak voor de wedstrijd veel moeten afvallen dan zal een sporter eerder geneigd zijn dit ook te doen, dan wanneer een judoka uitgesloten kan worden van een belangrijke wedstrijd als hij niet op tijd op gewicht is 22.

ouders en coaches spelen een rol bij de keuze van de sporter om af te vallen

In de meeste gevallen zijn het de sporters zelf die besluiten om af te vallen, omdat zij denken zo meer kans te hebben om te winnen 39, 7095. Ook ouders en coaches spelen een rol bij de keuze van de sporter om af te vallen 39, 7095, maar  vaak kopiëren sporters vooral het gedrag van andere succesvolle atleten 39, of voelen zij druk vanuit ‘de maatschappij’ om af te vallen 95. Veel judoka’s geven aan dat niemand hen helpt bij het afvallen 70, maar zij zijn wel van mening dat artsen een betrouwbare informatiebron zijn waardoor zij mogelijk een belangrijke rol zouden kunnen vervullen bij het scholen van sporters en coaches 70.

Ervaren controle

Tot slot is het van belang dat een sporter erin gelooft dat hij in staat is om op verantwoorde wijze op tijd op gewicht te komen. Alleen dan zal er voldoende motivatie zijn om dit echt te proberen. Uit onderzoek blijkt dat veel gewichtsklassensporters het moeilijk vinden om verantwoord gewicht te maken. Het gewicht maken wordt door een groot deel van de sporters als zwaar ervaren. In een studie onder worstelaars gaf 31% van hen aan het heel zwaar te vinden om op gewicht te komen 70, terwijl zij tegelijkertijd aangeven het wel heel belangrijk te vinden. In ons judo-onderzoek kwam naar voren dat hoewel veel judoka’s zich voornamen om op een verantwoorde wijze af te vallen maar in de praktijk het vaak moeilijk bleek om dit ook daadwerkelijk te realiseren. Soms ging het afvallen veel minder snel dan zij hadden gepland, waardoor zij op het laatste moment nog veel moesten afvallen. Soms was het afvallen mentaal zo zwaar dat zij hun strenge dieet niet konden volhouden en toch ongezonde dingen gingen eten of last kregen van eetbuien. Soms zaten zij al zo ver boven hun gewicht of was hun eetpatroon al zodanig verstoord dat zij niet meer op een verantwoorde wijze konden afvallen en wel hun toevlucht moesten nemen tot extremere methoden.

veel judoka’s nemen zich voor om op een verantwoorde wijze af te vallen maar in de praktijk blijkt het vaak moeilijk

Uiteraard spelen ook veel andere factoren een rol, maar meestal hebben die factoren invloed op een van de bovenstaande mechanismen. Van bovenstaande factoren blijkt vooral de intentie van de sporter en de ervaren controle de belangrijkste voorspellers voor de ernst en agressiviteit waarmee wordt afgevallen. Daarnaast bleek de afvalduur van doorslaggevende betekenis. Hoe meer jaren een sporter in zijn of haar carrière al met gewicht maken voor een wedstrijd bezig is, des te extremer de methoden zijn, die gehanteerd werden.